Institutionele vastgoedbeleggers, zoals pensioenfondsen en verzekeraars, gaan hun nieuwbouwproductie de komende jaren verhogen van 2.000 naar 5.000 tot 10.000 woningen. Het gaat om woningen in het vrije segment, met huren tussen 652 en 1.000 euro.
‘Beleggen in Nederlandse huurwoningen, met een voorspelbare, stabiele inkomstenstroom en een beperkt risico op waardedaling is weer interessant, gezien het huidige onzekere beursklimaat’, zo motiveert Henk Jagersma, bestuurslid van de brancheorganisatie van vastgoedbeleggers IVBN, het besluit.
In het begin van deze eeuw hadden institutionele beleggers nog ruim 300.000 huurwoningen, maar dat
aantal is in rap tempo teruggelopen naar 133.000.
Ook kopen van corporaties
Volgens de IVBN kan het aantal huurwoningen dat in bezit van beleggers is weer terug naar 300.000. Niet alleen door nieuwbouw, maar ook door corporatiewoningen ‘tegen marktwaarde over te nemen, met daarbij een waarborg van verdere duurzame exploitatie. Dus geen uitpondscenario’s, juist om de vrije sector huurmarkt sterk te vergroten’. Verder pleit de IVBN voor een ruimer huurbeleid voor gereguleerde huurwoningen, onder meer door regionalisering van de maximale huurprijzen.
Gemengde gevoelens over koerswijziging
Woonbonddirecteur Ronald Paping heeft zeer gemengde gevoelens over de koerswijziging van IVBN: ‘Ze zeggen wel steeds dat ze meer in huurwoningen willen beleggen, maar weigeren
zich vast te leggen op extra beleggingen of investeringen als puntje bij paaltje komt. Ze gebruiken hun lokkertje alleen maar om meer huurruimte te krijgen. En er schuilt nog een
giftig addertje onder het gras. Met marktwaarde bedoelen ze naar verluidt niet de marktwaarde zoals bij koopwoningen, maar de marktwaarde in verhuurde staat. En die ligt aanzienlijk
lager dan die in onverhuurde staat. Een fors deel van het corporatievermogen zal zo weglekken naar de commerciële sector, die de huren sterk zal verhogen. Dat is een kwalijke
ontwikkeling.’


