De bedrijfslasten van woningcorporaties zijn in 2011 met bijna 7% gestegen tot € 1.500 per woning. Dit blijkt uit het jaarlijkse Sectorbeeld van Centraal Fonds Volkshuisvesting. Het Fonds noemt de stijging ‘teleurstellend, na de lichte daling die in 2010 werd gerealiseerd’.
Het Sectorbeeld laat ook een paar andere opvallende ontwikkelingen zien. Zo daalde het aantal gesloopte huurwoningen spectaculair met 45%, van 13.100 naar 7.200. Het aantal huizen daarentegen dat werd gerenoveerd steeg minstens zo opvallend, met 48% van 21.400 naar 31.600. Voor de komende jaren wordt overigens weer een daling van de investeringen in ingrijpende woningverbetering verwacht.
Dit geldt ook voor de verwachte nieuwbouwproductie. Hoewel er in 2011 nagenoeg evenveel huur- en
koophuizen werden opgeleverd als in 2010 (36.000), laten de nieuwste prognoses een gevoelige daling zien. De ‘pijplijn’ is duidelijk aan het opdrogen. In 2010 verwachten de
corporaties gemiddeld nog zo’n 50.000 woningen per jaar te kunnen bouwen, maar inmiddels is dit aantal gedaald naar 39.000 (van 2012-2016).
Opvallend is volgens het Centraal Fonds dat de verwachte afname van de nieuwbouw vooral plaatsvindt in het dure segment, met een huur boven de huurtoeslaggrens van € 665. Twee jaar
geleden wilden corporaties nog 20% in het geliberaliseerde segment bouwen, maar inmiddels is dat gedaald naar 11%. Volgens het Fonds ‘kan dat mede komen doordat de borging van
leningen door het Waarborgfonds inmiddels afhangt van de beoogde huurprijs’.
Niet meer verkopen
De verkoop van huurwoningen zal zich volgens de jongste voornemens stabiliseren op zo’n 17.000 per jaar. Daarmee lijken de corporaties zich niets aan te trekken van de wens van het kabinet Rutte om 75% van de huurwoningenvoorraad in de verkoop te doen.


