Geen recht op rendement

10 december 2013

De rechtbank in Den Haag oordeelt dat commerciële verhuurders geen recht kunnen laten gelden op wat zij zelf een ‘redelijk rendement’ noemen, althans niet voor huurwoningen met een huurprijs beneden de € 681. Huiseigenaren worden niet gedwongen om hun woningen onvrijwillig te verhuren.

Berg eurobiljetten

Particuliere verhuurders, waaronder de stichting Fair Huur, hebben twee bodemprocedures aangespannen tegen de staat. Zij vinden dat de Nederlandse huurwet- en huurregelgeving een goed rendement op sociale huurwoningen in de weg staat. Het zou gaan om ‘een onevenredige en buitensporige last voor particuliere verhuurders van sociale huurwoningen in het algemeen’. De rechtbank Den Haag is het daar niet mee eens.  


De particuliere verhuurders wilden aantonen dat de inmenging van de overheid ertoe leidde dat vrijwel alle particuliere huiseigenaren geen rendement op investeringen kunnen maken in de niet-geliberaliseerde huursector.

Met name bij de verhuur aan lang zittende huurders zou de financiële situatie nijpend zijn. Zij beklaagden zich over de inmenging van de overheid in hun eigendomsrecht en het gebrek aan rendement, onder meer door de invoering van de verhuurderheffing.

Meerdere argumenten

De rechtbank is van oordeel dat de Nederlandse huurwet- en huurregelgeving niet als onrechtmatig kan worden aangemerkt tegenover particuliere verhuurders van sociale huurwoningen. Ten eerste omdat deze verhuurders die stap in de sociale verhuurmarkt zelf hebben gezet. Maar ook omdat het in Nederland zo is dat verhuurders invloed hebben op de huurprijzen en dat bijvoorbeeld wanbetalers uiteindelijk uit hun huis gezet kunnen worden. Tenslotte concludeert de rechtbank dat er geen recht op een redelijk rendement bestaat. Wel overweegt de rechtbank dat niet is uitgesloten dat in individuele gevallen wél sprake kan zijn van een buitensporige en onevenredige last. Een dergelijke toets moet echter plaatsvinden in een procedure bij de kantonrechter over de beëindiging van de huurovereenkomst.

Geen oordeel over het huurbeleid

De rechtbank stelt verder vast dat de doelen die de Staat heeft met het huurbeleid, zoals bijvoorbeeld huurbescherming en de beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen, door de politiek zijn vastgelegd. De rechtbank kan niet op de stoel van de wetgever zitten en onthoudt zich dan ook van een inhoudelijke beoordeling van deze doelen.

commerciële verhuur
rechtszaak

De Woonbond is er voor huurders en hun organisaties!

Word nu lid en profiteer van alle voordelen