Meer zeggenschap en faciliteiten voor huurdersorganisaties

9 juli 2014

'De inkomsten van corporaties komen voor 93 procent van de huurders. Maar die hebben merkwaardig genoeg nagenoeg niets te zeggen over de besteding ervan’, zei Woonbonddirecteur Ronald Paping gisteren tijdens zijn verhoor in de parlementaire enquête Woningcorporaties.

Paping pleitte tijdens zijn verhoor voor meer zeggenschap en faciliteiten voor huurders. Bijvoorbeeld door huurdersorganisaties instemmingsrecht te geven in het huur- en verkoopbeleid.

Tegenmacht

Volgens de Woonbonddirecteur is het hoog tijd dat de machtsverhoudingen binnen de volkshuisvesting gaan kantelen in het voordeel van de huurders. Paping: ‘Macht moet je op de één of andere manier controleren. Dat kan via een tegenmacht, maar die is er volstrekt onvoldoende geweest.’ Daarom wil Paping een uitbreiding van de zeggenschap van de huurders. Nu hebben huurdersorganisaties alleen adviesrecht. Die adviezen verdwijnen volgens hem vaak ‘achter de rododendrons’. Hij pleitte voor heldere wetgeving die ervoor moet zorgen dat huurders meer zeggenschap (instemmingsrecht) en betere (financiële) faciliteiten krijgen. Zo moeten de participatiemedewerkers die nu bij de woningcorporaties werken voor huurdersorganisaties gaan werken en zouden deze organisaties onafhankelijk gefinancierd moeten worden.

Te weinig geluisterd naar huurders

Ook door de politiek wordt er te weinig naar huurders geluisterd, stelde Paping in zijn verhoor. Hij verwees naar de deal tussen koepel van woningcorporaties Aedes en minister Stef Blok over de verhuurdersheffing. ‘Het feit dat je een deal sluit als twee partijen en zegt dat de derde het moet betalen. Dat is toch absurd?’ Paping wees ook op de kwalijke gevolgen van de verhuurderheffing voor huurders: de huren stijgen sterk, het onderhoud verslechtert, de wijkvernieuwing en de nieuwbouw stagneren en de energiebezuigingsmaatregelen worden gehalveerd.

Terug naar de kerntaak

De corporaties moeten volgens Paping weer gaan doen waar ze voor zijn opgericht: voorzien in betaalbare huisvesting voor mensen met een laag inkomen of bescheiden middeninkomen. Daar horen geen commerciële activiteiten bij. Paping: ‘Huurders hebben honderden miljoenen per jaar moeten bijlappen om de verliesgevende commerciële activiteiten van corporaties te bekostigen.’

Wooncoöperaties

Paping sloot zich aan bij het pleidooi van eerdere getuigen in de parlementaire enquête – de hoogleraren Jan van der Schaar en Andre Thomsen – om naast de bestaande corporatiesector coöperatieve vormen van zelfbeheer door bewoners te stimuleren en wettelijk mogelijk te maken. Volgens Paping loopt Nederland op dit gebied erg achter bij het buitenland. Hij ziet in verkoop van woningcomplexen aan bewonerscoöperaties een aantrekkelijk alternatief voor verkoop aan commerciële beleggers. ‘Dan wordt het er voor huurders meestal niet leuker op: hogere huren en slechter onderhoud’. Paping ziet in Nederland ruimte voor enkele honderdduizenden woningen in zelfbeheer.

misstanden corporatiesector
zeggenschap

De Woonbond is er voor huurders en hun organisaties!

Word nu lid en profiteer van alle voordelen