Leven in uitstoot

Luchtvervuiling door industrie

Schone lucht is een recht. Weten hoe schoon de lucht in je omgeving is, ook. Toch worden beide rechten ook in Nederland met voeten getreden. Steeds vaker eisen burgers hun rechten op. In de IJmond deden 1.300 bezorgde bewoners aangifte tegen staalfabrikant Tata Steel. Onlangs leidde dat tot een door het OM ingesteld strafrechtelijk onderzoek. Maar ook op andere manieren elders in het land dwingen burgers overheden en bedrijven tot transparantie en het nemen van hun verantwoordelijkheid.

Waait de wind van staalfabrikant Tata Steel richting Wijk aan Zee, dan merkt Evelien Andrée Wiltens dat aan hoe fit zij ’s ochtends wakker wordt. Evelien is herstellende van een zware longontsteking. Haar vierde sinds ze acht jaar geleden naar het dorp verhuisde. ‘De relatie met de slechte lucht is niet een op een vast te stellen, zegt de huisarts. Maar het helpt niet als je longproblemen hebt om hier te wonen.’

Schone lucht is voor Evelien reden om te willen verhuizen. ‘Allerliefst zou ik blijven. Dit is mijn basis. Mijn atelier zit in Beverwijk, mijn werk op een basisschool. We huren een superleuk appartement vlak achter de duinen, om de hoek bij onze allerbeste vrienden en vlakbij mijn ouders en zus. Er is dus wat te verliezen. Maar er komt steeds meer aan het licht over die fabriek. Daarover maak ik me zorgen.’

Neerdalende stoffen

Ze doelt op de vaststelling van het RIVM dat de hoeveelheid neerdalende schadelijke stoffen in de omgeving van Tata Steel en haar satellietbedrijven vele malen hoger is dan elders. Begin 2022 bevestigde het RIVM dat het grootste deel van de neergedaalde kankerverwekkende PAK’s (polycyclische aromatische koolwaterstoffen) en metalen daadwerkelijk van het terrein afkomt. Onderzoek onder huisartsen en GGD’s toont dat bewoners in de IJmond vaker dan elders in Nederland last hebben van oogirritatie, hoofdpijn, duizeligheid, benauwdheid en jeuk. Ook komen longkanker, diabetes en hart- en vaatziekten er vaker voor.

Evelien en haar vriend wonen daar waar de meeste PAK’s en metalen neerslaan. ‘Hoe dat is? Op de raamkozijnen en vensterbanken ligt telkens een heel vettige, zwarte stof. Maandelijks reinigt de schoonmaakploeg van Tata de buitenkant van ons appartement. We kochten een duur filter dat de lucht in huis zuivert van zware metalen. Zo voelen we ons wat lekkerder om hier te wonen. Het zit op alles wat je buiten aanraakt. Als juf ben ik alert. Als de kleuters in de speeltuin spelen, moeten zij daarna áltijd hun handen wassen. Lood brengt hun ontwikkeling in gevaar. Dat wil ik niet voor mijn eigen toekomstige kinderen.’

Haar zorgen worden breed gedragen, blijkt uit de teller op de website van actiegroep Frisse Wind.nu. Om te ageren tegen de staalgigant houdt Frisse Wind.nu een doorlopende crowdfunding. Voorlopige stand: 100.000 euro. Woordvoerder Sanne Walvisch: ‘We vechten tegen zeer diepe zakken en zijn blij dat de teller blijft oplopen. We betalen advocaat Bénédicte Ficq ermee. Zij deed namens 1.100 omwonenden en 9 stichtingen aangifte tegen Tata Steel vanwege het moedwillig schaden van de gezondheid van mens en dier. Dat leidde in februari tot de start van strafrechtelijk onderzoek door het OM, dat zeker een tot twee jaar duurt.’

Luchtkwaliteit

De ellende in de IJmond is groot, maar ook in de rest van Nederland is de luchtkwaliteit matig. Voor een hap schone lucht moet je naar het uiterste noorden. In de Randstad en de grote steden is de lucht het slechtst. Het is overduidelijk te zien op de kaarten op www.atlasleefomgeving.nl. Hoewel de uitstoot van luchtverontreinigende stoffen de afgelopen decennia aanzienlijk afnam, blijft wat we inademen ons ziek maken. Stikstofdioxide en fijnstof zijn de grootste boosdoeners, uitgestoten door wegverkeer, landbouw, industrie en houtstook. In Nederland overlijden jaarlijks 12.000 mensen als gevolg van luchtvervuiling, schat het RIVM. We leven gemiddeld negen maanden korter. Het is daarmee een gezondheidsrisico in dezelfde orde van grootte als overgewicht en roken.

De gemiddelde fijnstofconcentraties voldoen op veel plekken in Nederland weliswaar aan de EU-limieten waaraan Nederland momenteel gebonden is. Maar ze liggen nog ver boven de onlangs streng aangescherpte adviesnormen van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). In 2021 stelde de WHO de advieswaarden uit 2005 voor schadelijke stoffen zoals fijnstof, ozon, zwaveldioxide, koolmonoxide en stikstofdioxide naar beneden bij. Met reden. Steeds meer onderzoeken laten zien hoe groot de impact is van luchtvervuiling op onze gezondheid. En is er steeds meer bewijs dat luchtvervuilende stoffen ook in lagere concentraties al heel schadelijk kunnen zijn.

De overheid is zich ervan bewust dat de luchtkwaliteit verbeterd moet worden en kwam in 2020 met het Schone Lucht Akkoord (SLA). Dit akkoord tussen Rijk, alle provincies en negentig gemeenten wil de uitstoot in alle sectoren terugdringen en er zo voor zorgen dat de gezondheidsschade door luchtvervuiling in 2030 is gehalveerd ten opzichte van 2016. Kanttekening: dit akkoord werkt toe naar de achterhaalde WHO-streefwaarden uit 2005.

Nijmegen-West

In Nijmegen-West vinden bewoners de inspanningen van de gemeente niet genoeg. Zij wonen naast het grootste binnenstedelijke industriegebied van Nederland en zijn buitengewoon ongerust over de uitstoot van giftige stoffen door de APN-asfaltcentrale die daar staat. Vorig jaar hoorden zij dat tijdens een onaangekondigde controle – de eerste in vijf jaar – de fabriek 17 keer de grenswaarde voor kankerverwekkende PAK’s uitstootte.

Omwonenden, al jaren bezorgd, kwamen dit niet te weten dankzij de transparantie van de toezichthoudende Omgevingsdienst en diens opdrachtgevers gemeente en provincie. Maar dankzij een klokkenluider. Cor Coenrady heeft ruim 40 jaar ervaring als milieudeskundige als hij de opdracht krijgt van gemeente en provincie om een in zijn optiek ‘sussend rapport’ te schrijven over de industrie op het bedrijventerrein. Hij zette tijdens zijn onderzoek 865 relevante documenten over bedrijven in Nijmegen-West op zijn privé laptop. Twee daarvan stuurde hij uit gewetensnood naar de buurt. Aan de rest houdt hij nu vast, totdat ze allemaal, zoals de gemeente beloofde, aan de omwonenden zijn vrijgegeven.

De Omgevingsdienst verzocht hem het schaduwdossier te wissen. Dat weigert hij, ook al tekende hij een geheimhoudingsbeding. Het gaat om het algemeen maatschappelijk belang, vindt hij. Namelijk om de gezondheid van omwonenden. Die staan nu klaar om de 865 documenten zelf door te spitten. De asfaltfabriek is niet het enige bedrijf op het terrein dat ‘Zeer Zorgwekkende Stoffen’ (ZZS) uitstoot. Ze willen weten wat de stapeling van emissies van alle bedrijven in Nijmegen-West betekent voor hun gezondheid.

De documenten worden eerst geanonimiseerd en voorgelegd aan de betrokken bedrijven, zegt de gemeente. Roel van Tiel, woordvoerder van de wijkraden in Nijmegen-West en Weurt is hierover zeer verbolgen. Tegen Omroep Gelderland zei hij: ‘Er is al toegezegd dat we de stukken krijgen. Ik kan geen andere reden bedenken waarom nu de originelen vernietigd zouden moeten worden, dan dat men de vrijheid wil hebben wat meer weg te lakken dan absoluut nodig.’

Omgevingsdiensten

In Nederland zijn sinds 2013 29 regionale Omgevingsdiensten actief. In opdracht van de gemeenten en provincie waaronder zij vallen, moeten zij erop toezien dat bedrijven als Tata Steel of asfaltcentrales, die werken met Zeer Zorgwekkende Stoffen, zich aan de milieuregels houden. Het functioneren van deze Omgevingsdiensten ligt onder vuur.

In 2021 verschenen rapporten van de Algemene Rekenkamer en de Adviescommissie-Van Aartsen met forse kritiek op het huidige stelsel van Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (VTH). Kort door de bocht schetsen ze samen het beeld dat onafhankelijk milieutoezicht niet bestaat en bovendien faalt om mensen te beschermen tegen de vervuilende bedrijven. Journalisten van onderzoeksplatform Investico brachten eind 2021 dat falen verder in kaart en schreven over een te softe bestraffing.

Investico vroeg alle Omgevingsdiensten hoe vaak zij bedrijven inspecteren, hoeveel overtredingen bedrijven begaan en hoe de milieudiensten daar tegen optreden. Straffen doen zij niet graag, blijkt uit de antwoorden. In Nederland staan 350.000 bedrijven onder toezicht omdat zij met hun activiteiten gezondheids- en milieuschade kunnen veroorzaken. Daarvan werden in 2019 ruim 55.000 gecontroleerd. Bij 17.000 constateerden inspecteurs minstens één overtreding. Daarvan kregen slechts 362 bedrijven een straf opgelegd: twee op de honderd.

De journalisten zagen grote verschillen tussen milieudiensten; sommige delen nooit boetes uit, andere meer dan honderd per jaar. Inspecteurs in sommige regio’s controleren ieder jaar een derde van het bedrijvenbestand, in andere kun je meer dan veertien jaar in bedrijf zijn zonder ooit een inspecteur te ontvangen. Niet gek als je bedenkt dat er soms nauwelijks personeel bevoegd is om straffen uit te delen. Zo is er bij de Omgevingsdienst Regio Nijmegen, verantwoordelijk voor het grootste binnenstedelijk industrieterrein in Nederland, slechts 0,1 fte voor zo’n ‘milieu-boa’.

Omgevingsdiensten krijgen ook niet de ruimte om hun rol te vervullen. Uit jaarverslagen en gesprekken met toezichthouders concludeerden de onderzoeksjournalisten dat wethouders en gedeputeerden achter de schermen milieuhandhaving ondermijnen. Ze sturen op een zachtere aanpak of vragen simpelweg van handhaving af te zien. Zelfs bij het innen van dwangsommen, het laatste stapje in een traject van maanden of zelfs jaren, liggen bestuurders dwars, vond Investico. Die bevoegdheid hebben provincies en gemeenten nooit uit handen willen gegeven. Twee derde van de Omgevingsdiensten weet niet eens hoeveel bedrijven hun verschuldigde dwangsommen ook echt betalen. Uit de cijfers in bezit van de overige milieudiensten, blijkt dat het vaak maar om dertig procent gaat.

Bestuurders hebben nog een manier om niet te hoeven handhaven. Volgens staande jurisprudentie mag je in bijzondere omstandigheden bij een illegale situatie en waarbij sprake is van ‘concreet zicht op legalisatie’ afzien van handhaving. ‘De gevolgen zijn voor de buitenwereld vaak onzichtbaar maar niet onschuldig: jarenlange overlast, gezondheidsrisico’s en stille schade aan het milieu’, schrijven de journalisten in de Groene Amsterdammer.

Arnhem

Ook in Arnhem wantrouwen bewoners de Omgevingsdienst. Uit zorg over de uitstoot van de biomassacentrale van Veolia op Industriepark de Kleefse Waard, startte Actiegroep Arnhems Peil een burgermeetnetwerk dat het fijnstof in de lucht meet.

Mede-initiatiefnemer Marloes Spaander woont in de industriehaven van Arnhem, op zo’n 900 meter van de biomassacentrale. Toen de fabriek eind 2019 enkel aan het proefdraaien was, ervaarde ze al forse (stank)overlast. ‘Bij houtverbranding komen schadelijke stoffen vrij. Wij vonden dat te weinig werd gemeten om duidelijkheid te krijgen over de luchtkwaliteit. Daarom zijn we het zelf gaan doen.’

Marloes: ‘Tijdens de proefperiode verrichtte Omgevingsdienst Regio Arnhem (ODRA) slechts drie metingen. De eerste ging ver over alle toegestane waarden heen, bij de andere twee was de uitstoot plotseling heel laag. Gemiddeld viel de fijnstofuitstoot zogezegd binnen de vergunning van de centrale. Als een derde zo afwijkt, kun je niet bij drie al stoppen, vinden wij. Zo’n fabriek kan van alles doen om metingen te beïnvloeden, zeker als de toezichthouder vooraf aangeeft te meten. Dat geeft geen betrouwbaar beeld. Gedurende de testperiode dienden bewoners klachten in. ODRA reageerde standaard dat de centrale op die momenten uitstond. Maar van bijna alle klachten hadden we beeld waarop een rookpluim te zien was. Ook dat gaf geen vertrouwen.’

De initiatiefnemers riepen de hulp in van stadgenoten. Binnen drie maanden hingen verspreid over heel Arnhem 130 sensorkastjes die fijnstof meten. Marloes is trots: ‘Binnen no time hadden we heel veel enthousiaste deelnemers die ons met het project wilden helpen.’ Arnhemmers zetten de sensoren zelf in elkaar tijdens workshops en hingen ze thuis aan de gevel. De fijnstofsensoren geven via internet continu data door. De meetgegevens komen binnen bij Sensor.Community, een internationaal platform voor burgermetingen. Hier worden ze geanalyseerd en getoond op een voor iedereen toegankelijke kaart. Ook het RIVM gebruikt de gegevens. Ze zijn te zien via samenmeten.rivm.nl/dataportaal.

Samen vormen de 130 meetkastjes een fijnmazig datanet. Zo maakt het burgerinitiatief luchtvervuiling zichtbaar, op een veel gedetailleerder overzicht dan de twee meetstations van het RIVM in Arnhem dat kunnen. ‘De metingen zeggen niet exact wat er aan de hand is, maar geven een beeld: hoe schoon is de stad. Daarmee kunnen we druk uitoefenen op de gemeente. Ik ben ervan overtuigd dat we biomassa op de lokale kaart hebben gezet’, zegt Marloes. ‘Er zijn veel debatten geweest. Veel mensen hebben kunnen inspreken. Uiteindelijk zullen politieke partijen hun standpunten daarop aanpassen.’

Deelnemers aan het Luchtdataproject in Arnhem zijn niet alleen. Overal in Nederland verricht een groeiende groep mensen zelf metingen. Bewoners in Nijmegen-Lent startten met Lentse Luchten. In Delft noemen ze zich de Luchtwachters. Luchtclub Rotterdam hangt met hulp van de gemeente 1.000 sensoren op, heel bewust verdeeld over alle stadsdelen. Uit de animo spreekt een brede zorg over luchtkwaliteit.

Meten = weten = tegenmacht

Een burgermeetnetwerk dat zelf met sensoren data verzamelt, analyseert, visualiseert en openbaar maakt, wordt citizen sensing genoemd. Deze vorm van burgerwetenschap is sterk in opkomst, signaleert Anna Berti Suman. De Italiaanse onderzoeker promoveerde erop in Tilburg. ‘Dat komt door nieuwe technologieën die het meten versimpelen, breed toegankelijke en betaalbare apparatuur. Onze digitale samenleving vergemakkelijkt het verzamelen en delen van gegevens, mobiliseren van mensen, netwerken en rapporteren.’

Burgerinitiatieven creëren bewustwording bij deelnemers en het grote publiek. Ze kunnen echt succes boeken, denkt Anna, als ze betrouwbare technologieën en methoden gebruiken en laten zien dat hun meetresultaten de bestaande goed aanvullen. Ook brede steun zoeken en anderen mobiliseren is belangrijk, en aansluiting bij officiële instanties zoals het RIVM. Dat kan ondersteunen met kennis en kunde, waardoor de kwaliteit van de metingen verbetert. Het RIVM doet dat ook en ontsluit de data op een platform. Iedereen die naar luchtmeetnet.nl surft, ziet de status van de luchtkwaliteit in de buurt.

Door inbedding in de officiële structuren worden burgermetingen een factor voor overheid en bedrijven om rekening mee te houden. En dat vindt Anna dan weer positief voor de toekomst waarin zij hoopt dat burgerdata een stevigere positie krijgen in de strijd voor klimaatgerechtigheid. Dergelijke amateurdataverzamelingen zijn op dit moment in Nederland niet rechtsgeldig. ‘Maar het is kwestie van tijd’, denkt zij, ‘dat een rechtszaak van het kaliber Urgenda voorkomt die grotendeels beslist wordt op basis van burgermetingen.’

Wie weet is dat de Tata-zaak. Frisse Wind.nu  kocht van de binnenkomende donaties twee webcams. Sinds maart staan deze permanent gericht op de pluimen van Tata Steel en haar satellietbedrijven. Sanne Walvisch: ‘In de hoop dat zij gaan handhaven, melden we elk verdacht incident bij de Omgevingsdienst. In de eerste 6 weken waren dat er al meer dan honderd. Welke pluim giftig is, is voor ons moeilijk te beoordelen. Een mobiele fijnstofmeter staat op ons verlanglijstje, zodat we er met de bakfiets op af kunnen. We hebben goede hoop dat onze waarnemingen in de zaak worden opgenomen als bewijsmateriaal. Ten tijde van de grafietregens in 2018 werd aangedragen bewijs van de Omgevingsdienst afgekeurd, terwijl met dank aan beeld van een fotojournalist ter plaatse een kleine dwangsom overeind bleef.’

In de spotlight neemt de druk om te veranderen toe. Tata Steel wil de stof- en geuremissies drastisch verminderen, maar denkt dertig jaar nodig te hebben om een schone fabriek te worden. De provincie waarschuwt bewoners dat overlast tijdens het vergroeningsproces ‘tijdelijk’ kan verergeren. Evelien Andrée Wiltens wil daar niet op wachten. Met haar vriend probeert ze via woningruil weg te komen uit Wijk aan Zee.

Dit is een artikel in Huurpeil 2, 2022. Tekst: Mariëlle van Veen

Huurpeil

Abonnement Huurpeil

De Woonbond is er voor huurders en hun organisaties!

Word nu lid en profiteer van alle voordelen